Ans Müller bewoont het laatste ‘kasteel’ van Didam
De Luynhorst lijkt gewoon een mooie oud huis. Het is echter een 15e eeuwse havezate. In en rond het huis herinneren veel oude elementen daaraan. Een stuk gracht, gevelstenen, de oeroude lindeboom en een uitgebouwd wc-huisje zijn stille getuigen van de bijzondere historie.
‘Oud glas’ volgens hedendaagse eisen
Een sleepboot manoeuvreert met een vredig ronkende motor naar een vrije plek in de Wolwevershaven. Het geluid weerkaatst tegen de Dordtse monumentale panden op de kade, waar Rene van den Berg, oprichter van Da Vinci Glas, nauwgezet het geplaatste monumentenglas bestudeert.
Romantiek rond ‘Duitse’ villa
De tuin van Leonie Meijneke past ongelooflijk goed bij haar huis. Toch zijn ze niet tegelijk ontworpen. Het eigenzinnige, karakteristieke huis stamt uit 1920. De tuin is pas vijfentwintig jaar oud. Samen vormen ze een stijlvolle eenheid. Romantiek en symmetrie voeren de boventoon en verrassingen zijn er ook.
Wonen in een middeleeuwse tent
Met maar één bouwlaag en een zadeldak lijkt dit lieflijke huisje in Brugge wel wat op een tent. Bewoner Filip Cornelis heeft zich volledig uitgeleefd en voorzag de intieme ruimtes van warme kleuren.
Natuursteen representeert de status van de eigenaar
Bij historische gebouwen is naast baksteen en hout volop natuursteen toegepast, vooral als bekleding of aankleding van een bakstenen bouwwerk. Ook werden trappen, balustrades, vensters, lijsten, schouwen, gevelstenen en beeldhouwwerken als het even kon in natuursteen uitgevoerd.
Achttiende-eeuwse schoonheid in Groningse binnenstad
Dichtbij wat ooit de zeehaven van Groningen was, tussen een zoutziederij, een suikerraffinaderij en het provinciaal tuchthuis, werd tussen 1734 en 1787 in fasen een huis gebouwd waar nu alweer veertig jaar met liefde in gewoond en aan gewerkt wordt.
Door de ogen van stadsportrettist Adrianus Eversen
In een prachtige oude stad proef je soms de sfeer van vroeger. Het liefst zou je even in de tijd terug willen kijken. Stadsportrettist Adrianus Eversen geeft in zijn uitgebreide oeuvre een weliswaar licht geromantiseerd maar ook prachtig tijdsbeeld van de negentiende eeuw. De verschillende typen gevels die hij in zijn olieverfschilderijen vastlegde zijn ondermeer de trap-, tuit-, hals-, klok en lijstgevels.
Met beitel en zaag, maar karnemelk kan ook
‘Het kan ook met karnemelk’, vertelt Jan Stam, ‘dat lost de roggebloem op waarmee vroeger, samen met zand, water en schelpkalk, een mortel werd gemaakt. Want cement kende men niet.’ Maar deze keer gebruikt hij een beitel en een zaag met widiatanden. Een voor een bikt en zaagt hij de tegels los, om deze buiten schoon te kunnen maken.